El regalo de cumpleaños de Anna

(Anna’s verjaardagscadeau)

25 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 25
“Ik zoek een makkelijke roman __________ zegt zij.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
2 / 25
De medewerker hij zegt ja en hij pakt het in in blauw papier.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
3 / 25
Er zijn veel planken met verhalenboeken.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
__________ met een kaart.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
5 / 25
“Ik zoek een makkelijke roman in het Italiaans”, zegt zij.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
6 / 25
_____ un lugar cálido y tranquilo y huele a libros nuevos.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
“Kunt u het inpakken als cadeau?” __________
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 25
“Quiero este libro, por favor”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 25
__________ naar de kassa en zij kijkt naar de prijs.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
10 / 25
Ana sale contenta _______ para regalarlo.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
11 / 25
Señala el libro y decide.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 25
“Deze hij is _______
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
13 / 25
“Este es más corto.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
14 / 25
Paga con tarjeta.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
15 / 25
Ana zij gaat weg blij en klaar om het cadeau te geven.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
16 / 25
Paga __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
17 / 25
__________ la saluda.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
18 / 25
Ese tiene dibujos.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
19 / 25
Ella sonríe y mira a su alrededor.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
20 / 25
Señala el libro _________
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
21 / 25
Een medewerker hij groet haar.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
22 / 25
Het eerste boek hij is interessanter voor haar.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
23 / 25
Le muestra dos libros.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Het is ________ warm en rustig en het ruikt naar nieuwe boeken.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
25 / 25
Hay __________ con libros de historias.