Los sustantivos españoles más comunes – Comida y bebida

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Eten en drinken)

25 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 25
Eén keer ik kreeg een brandwond __________ nog een.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 25
______ ik maak schoon de koekenpan en ik laat niet achter vet op de tafel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 25
Met deze ervaring ik werk ______
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
ik koop een groene mango voor het ontbijt ________ voor de lunch.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 25
de dronkaard __________ schaamte en hij/zij gaat zitten in stilte.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 25
Een druppel melk ________ en ik neem een pauze.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
Zij komen aan en zij kijken de tafel __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 25
Er is __________ en ik ben voorzichtig met de hete olie.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 25
Ik heb __________ daar en hij vertelt mij alles.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 25
Naast ik zie een blauwe afbeelding ________ van een strand.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 25
Later zij komt de pers, maar de bewaker __________ ‘geen foto’s, alstublieft’.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 25
Om te drinken, ik neem thee __________ afhankelijk van de dag.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 25
______ een klein lichtje het is aan.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
Als ik ben klaar, alles ______ goed en mijn dag hij begint met energie.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 25
de pers zij praat niet meer __________ nu zij praat over de lancering van de thee.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
16 / 25
__________ ik geef haar een kus op de wang en ik zeg: dank je voor het gezelschap.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 25
ik vind het niet leuk __________ maar ik leer.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
ik ga terug _________ en ik leg weg elk stuk op zijn plek.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
19 / 25
Ik glimlach en ik blijf lezen _______ zonder haast.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
20 / 25
De één hij brengt wijn en de ander __________ thee, en zij delen allemaal.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 25
Hij/zij komt aan de directeur/directrice __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
ik bestel dat en ik wacht __________ bij het raam.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
Als er gebeurt iets, wij schrijven __________ en wij praten rustig.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Ook ik bestel een kleine koffie om mee te nemen, want de middag ______ lang.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
Ik geef mijn contact en mijn naam, voor het geval dat __________ bellen.