Los sustantivos españoles más comunes – Hogar y objetos

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Huis en voorwerpen)

25 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 25
De tas ______ groot en altijd ik draag hem bij me.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 25
ik bewaar een fles __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 25
Mijn broer hij wil _____ een record van passen zonder te vallen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
In de badkamer ______ orde.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 25
Op het bed ik laat __________ en ik maak schoon de vloer.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 25
ik zet een kopje _____ en ik vul een glas met water.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
Elke ochtend ik open ________ ik kijk de schone vloer en komt er licht binnen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 25
De prijs van de zeep __________ en ik betaal het met contant geld.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 25
Dan __________ een doos om haar te vangen.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 25
__________ ik heb een kleine camera.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 25
Wanneer alles ______ goed, Ik voel rust in mijn huis.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 25
Soms de machine hij/zij werkt niet goed, __________ een kleine aanpassing aan een knop.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 25
's middags ______ een moment van rust.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
De machine __________ een kleine aanpassing, maar zij werkt.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 25
In de patio __________ wij spelen met een bal.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
16 / 25
ik wil opnemen __________ voor mijn familie.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 25
__________ Ik maak schoon de kamer.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
ernaast _____ een klein bord met notities.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
19 / 25
__________ zien kleding op de vloer.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
20 / 25
Dit weekend ______ rust.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 25
In de kamer ik doe de kleren in een doos __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
______ ik doe een vermelding op het bord om te niet vergeten.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
______ hardop en ik gebruik kracht om te rennen snel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Daarna ik maak schoon __________ en ik vervang de rol van het toilet.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
Daarna de vlieg __________