Los sustantivos españoles más comunes – Hogar y objetos

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Huis en voorwerpen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Yo compro la pintura y él trae una máquina para mezclar.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Miro el suelo y recojo una bolsa vieja.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
3 / 10
Abro todo ________ salga el olor.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Spaans. in
4 / 10
La mosca baja al suelo ________ fuerza para mover la caja sin romperla.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
5 / 10
het is mijn plicht schoonmaken, en de keuken die ziet er goed uit aan het einde.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
En mi casa hay una habitación para dormir y otra para comer.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 10
__________ een moment en ik rust.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 10
ik doe dit in het weekend, wanneer ______ tijd.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
9 / 10
Wanneer alles het is goed, Ik voel rust in mijn huis.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Spaans.
10 / 10
In de badkamer ik wil orde.