Los sustantivos españoles más comunes – Lugares y viajes

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Plaatsen en reizen)

10 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 10
Bij het weggaan Ik koop fruit in een winkel __________ naar de camping.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 10
Wanneer ik denk __________ ik voel rust en nieuwsgierigheid.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 10
_________ ze is hard en de menigte zij zingt en zij springt.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 10
Ik ga naar binnen met respect, _______ het interieur en ik praat zacht.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 10
Before leaving, I eat something in a restaurant __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 10
_______ een klein land en een rustige stad.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 10
So I arrive _________ and without stress.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 10
In de eerste straat ik zie een bord: links het is het centrum, en rechts ______ de haven.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 10
We walk slowly __________ in a language very simple.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 10
Een vriend hij gaat naast mij, _________ de kaart en hij zegt tegen mij: “rijd rechtdoor”.