Los sustantivos españoles más comunes – Lugares y viajes

(De meest voorkomende Spaanse zelfstandige naamwoorden – Plaatsen en reizen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
En el aeropuerto hay una tienda pequeña para agua y pan.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
En el hotel hay un bar pequeño y, al lado, un club con música suave.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
En la ventana veo el norte y el sur de la isla por última vez.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Viajar en mi país y en otros países me muestra un mundo grande y diverso.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
Yo hablo poco el lenguaje local, pero uso gestos.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
Cuando pienso en el viaje, siento calma y curiosidad.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
Para visitar una isla tomo un avión temprano.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Es un buen lugar para terminar el día.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
La música es fuerte y la multitud canta y salta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Subo por una calle estrecha y veo casas a cada lado.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven