All’ufficio postale

(Bij het postkantoor)

10 kaarten over
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
1 / 10
Ik zou willen een postzegel voor deze ansichtkaart.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Tiene in mano una cartolina.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
3 / 10
Hij controleert opnieuw de ansichtkaart.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Stefan compra il francobollo.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
5 / 10
Allo sportello parla con educazione _____ un po’ incerto.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
6 / 10
Stefan, een toerist in Italië, Hij komt binnen in een klein postkantoor.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 10
Hij wil __________ naar huis.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
Allo sportello parla con educazione ma un po’ incerto.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 10
Stefan, een toerist __________ Hij komt binnen in een klein postkantoor.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
10 / 10
“Vorrei un francobollo per __________