I sostantivi italiani più comuni – Luoghi, viaggi e trasporti

(De meest voorkomende Italiaanse zelfstandige naamwoorden – Plaatsen, reizen en vervoer)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Metto la valigia vicino alla porta e preparo una borsa con quello che mi serve subito.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
2 / 10
A volte mi fermo in un cortile interno, lontano __________ delle strade.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
L’Italia fa parte di un continente pieno di culture vicine, e i confini raccontano storie diverse.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 10
ik kom binnen in een winkel om te kopen water, dan ik ga langs __________ voor iets om te eten.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
Per organizzare bene il viaggio guardo anche la provincia e scelgo una zona in base a quello che voglio vedere.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
6 / 10
als ik aankom laat, ik laat achter de bagage en ik zoek meteen een goede plek om te eten.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 10
__________ ik gebruik het meest praktische vervoermiddel, niet dat “mooie”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
8 / 10
______ arrivo in un quartiere nuovo cerco prima un posto utile.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
9 / 10
Maar als ik loop rustig, ook het verkeer het wordt deel van de stad.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
10 / 10
Als ik moet gaan ver weg ik neem de trein, en zo ik vermijd het verkeer.