La colazione di Anna

(Anna’s ontbijt)

25 kaarten over
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
1 / 25
De kat _________ op de stoel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
2 / 25
__________ zacht en hij beweegt de staart.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 25
De geur van de koffie net gemaakt __________ blij.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
4 / 25
Zij bereidt de koffie met __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
5 / 25
Maar vandaag zij heeft alleen koekjes __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
6 / 25
Soms _______ brood met jam in plaats van koekjes.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
7 / 25
_____ Zij gaat zitten aan tafel.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
8 / 25
Anna zij wordt wakker ______
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
9 / 25
Anna ________ naar het werk met de fiets.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 25
_________ Het is stil en licht.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
11 / 25
Anna zij lacht __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
12 / 25
Zij trekt ______ en de fietshelm aan.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
13 / 25
__________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
14 / 25
_______ het water in de waterkoker.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
15 / 25
Zij opent het raam en zij ademt __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
16 / 25
Zij schenkt een beetje _____ in een klein bakje.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
17 / 25
Zij controleert de remmen __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
18 / 25
__________ de koffie en zij eet de koekjes.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
19 / 25
Haar kat, Leo, hij kijkt naar haar __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
20 / 25
Zij pakt haar fiets __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
21 / 25
Zij doet de deur op slot en zij zegt: __________
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
22 / 25
_____ hij antwoordt niet.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
23 / 25
_____ hij springt naar beneden en hij drinkt.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
24 / 25
Anna zij maakt af het ontbijt __________ de kop.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
25 / 25
Zij neemt __________ en wat koekjes.