Sabato al parco con Fido

(Zaterdag in het park met Fido)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
Luca risponde: “Fido”.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
2 / 10
zij stopt dicht bij hen en zij vraagt: “Hoe heet hij/zij jouw hond?”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
3 / 10
__________ zij glimlacht: “Wat een mooie naam!”.
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
4 / 10
De mevrouw zij glimlacht: “Wat een mooie naam!”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
5 / 10
Poi tornano a casa _______ per la merenda.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
Luca prende la palla dalla borsa.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
Si ferma vicino a loro e chiede: “Come si chiama il tuo cane?”.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Italiaans. in
8 / 10
C’è ________
Vertaal de gemarkeerde woorden naar Italiaans.
9 / 10
Luca hij brengt Fido naar het park met zijn broertje.
Luister en vul de ontbrekende woorden in Nederlands. in
10 / 10
_____ zij komt een mevrouw met een kleine hond.