Les noms français les plus courants – Concepts fondamentaux

De meest voorkomende Franse zelfstandige naamwoorden – Kernbegrippen

Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
1 / 15
Situatie: je beschrijft een eenvoudig advies over eten.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Na dit praatje maak ik een plan voor de week en ik schrijf een boodschappenlijst.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
2 / 15
Situatie: je vertelt over een race in de stad.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Op een zaterdag is er een race in de stad.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
3 / 15
Situatie: je beschrijft je ochtend.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Ik kies iets heel simpels: water drinken en het raam openmaken.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
4 / 15
Situatie: je vertelt hoe je een vogel leert herkennen.
Hoe zou je in het Frans zeggen “In het weekend loop ik in het park en ik zoek dit teken in de bomen.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
5 / 15
Situatie: je zoekt informatie bij een dienst.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Daarna loop ik door een rustige straat naar het kantoor.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
6 / 15
Situatie: je vertelt over je kleine onderzoek.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Dit onderzoek helpt mij om mijn buurt beter te begrijpen.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
7 / 15
Situatie: je vertelt wat je op een affiche leest.
Hoe zou je in het Frans zeggen “De realiteit is dat veel gezinnen steun nodig hebben, vooral in de winter.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
8 / 15
Situatie: je legt uit hoe je je spullen sorteert.
Hoe zou je in het Frans zeggen “In het weekend doe ik deze sortering opnieuw en ik controleer het aantal pagina’s in elk schrift.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
9 / 15
Situatie: je beschrijft een rustige voetbalmiddag.
Hoe zou je in het Frans zeggen “We kijken naar een wedstrijd, maar we blijven rustig en beleefd.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
10 / 15
Situatie: je vertelt wat jij en een vriend buiten zien.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Wij zien de zon in de straat.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
11 / 15
Situatie: je beschrijft je route door de stad.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Als ik verdwaal, vraag ik iemand de weg, of ik kijk op een kaart.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
12 / 15
Situatie: je beschrijft hoe je een nummer zoekt en belt.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Mijn doel is simpel: ik wil alleen informatie voor een document.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
13 / 15
Situatie: je beschrijft een rustige voetbalmiddag.
Hoe zou je in het Frans zeggen “In het stadion zie ik families, kinderen en vlaggen.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
14 / 15
Situatie: je legt uit hoe je je spullen sorteert.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Ik zet hetzelfde soort boeken op een plank en hetzelfde soort pennen in een doos.”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Frans.
15 / 15
Situatie: je sport samen in het park.
Hoe zou je in het Frans zeggen “Wij tellen de rondjes in het park.”?
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven