Comprare il necessario

(Noodzakelijke boodschappen doen)

10 kaarten over
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 10
È la sua prima volta in Italia.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 10
Spera che il resto del viaggio sia così semplice come questa sera.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 10
Vuole comprare acqua, pane, formaggio, una scatoletta di tonno e un po’ di frutta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 10
Vicino al pane vede delle mele.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 10
“Vengo con lei?”, chiede.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 10
Veronica torna al suo appartamento con la busta in mano.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 10
Veronica è appena arrivata a Roma per un breve viaggio di lavoro.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 10
“No, non è necessario”, dice Veronica.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 10
Veronica paga con la carta.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 10
Anche la cassiera le augura buona serata.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven