Incontro al Duomo di Milano

Ontmoeting bij de Duomo van Milaan

Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
1 / 15
Situatie: je herkent een gerapporteerde zin uit het gesprek.
Wat betekent deze Italiaanse zin in het Nederlands: Giuseppe chiede: “Come sta la tua famiglia?”
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
2 / 15
Situatie: je vertaalt een losse werkwoordsvorm.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Rispondi.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
3 / 15
Situatie: je vertaalt twee handelingen van één persoon.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Capisco e rispondo.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
4 / 15
Situatie: je vertaalt twee handelingen in één zin.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Jan cammina e vede Giuseppe.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
5 / 15
Situatie: je vertaalt een korte vervolgvraag.
Hoe vertaal je de Italiaanse vraag “E i tuoi figli?” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
6 / 15
Situatie: je herkent een korte werkwoordsgroep.
Wat betekent de Italiaanse groep “andare ora” in deze situatie?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
7 / 15
Situatie: je herkent de noi-vorm van avere.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Abbiamo bisogno di pane.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
8 / 15
Situatie: je vertaalt een vraag over school.
Hoe vertaal je de Italiaanse vraag “Vanno ancora alla scuola internazionale?” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
9 / 15
Situatie: je vertaalt wat iemand nodig heeft.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Ho bisogno di pane.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
10 / 15
Situatie: je vertaalt een zin over meerdere mensen.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Devono andare ora.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
11 / 15
Situatie: je herkent een andere persoonsvorm van hetzelfde werkwoord.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Cammino vicino al Duomo.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
12 / 15
Situatie: je vertaalt een zin over school.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “I bambini vanno alla scuola internazionale.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
13 / 15
Situatie: je vertaalt een zin over Jan.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Jan va al supermercato.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
14 / 15
Situatie: je vertaalt een korte zin met twee namen.
Hoe vertaal je de Italiaanse zin “Giuseppe vede Jan.” naar het Nederlands?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Nederlands.
15 / 15
Situatie: je herkent een woordgroep over familie.
Wat betekent de Italiaanse groep “i tuoi figli” in deze situatie?
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven