Primi passi: presentarsi e conoscere persone

Eerste stappen: jezelf voorstellen en kennismaken

Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
1 / 15
Paolo incontra un uomo in ufficio.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
2 / 15
Mia dice, “Questa è mia sorella, Nina.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
3 / 15
Giulia incontra il suo vicino.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
4 / 15
Ben chiede, “Come ti chiami?”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
5 / 15
Nina incontra una donna nel negozio.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
6 / 15
Lisa presenta Maria a Tom.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
7 / 15
Emma sorride e dice, “A domani.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
8 / 15
Giulia dice, “Vivo vicino alla scuola.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
9 / 15
Anna chiede, “Come stai?”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
10 / 15
Sorride e dice, “Benvenuto.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
11 / 15
Come sta?”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
12 / 15
Tom dice, “Sono di Toronto.”
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
13 / 15
Emma incontra la sua insegnante.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
14 / 15
Ben entra in classe.
Typ de betekenis van de gemarkeerde woorden in Nederlands.
15 / 15
Sara vede la sua vicina.
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven