Una bella giornata in palestra

Een goede dag in de sportschool

Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
1 / 15
Situatie: je vermoedt een probleem.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Misschien is er een probleem met de betaling”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
2 / 15
Situatie: je legt uit wat er mis is.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Ik leg het probleem met de pas uit”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
3 / 15
Situatie: je beschrijft wat je lichaam doet.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Mijn hart klopt sneller en ik begin te zweten”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
4 / 15
Situatie: je beschrijft Tom bij de kaartlezer.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Tom gaat terug naar de kaartlezer en haalt de pas langs”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
5 / 15
Situatie: je vertelt wat je vandaag doet.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Vandaag ga ik naar de sportschool”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
6 / 15
Situatie: je merkt dat de kaart nog steeds niet werkt.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Het werkt niet”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
7 / 15
Situatie: je doet een ochtendstretch.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Ik strek mijn armen”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
8 / 15
Situatie: je beschrijft de sfeer in de sportschool.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “De zaal is vol energie en beweging”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
9 / 15
Situatie: je vertelt waar je daarna heen gaat.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Na het hardlopen ga ik naar het deel met gewichten”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
10 / 15
Situatie: je vertelt wat daarna gebeurt.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Daarna begin ik te rennen”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
11 / 15
Situatie: je vraagt of iemand de sportschool leuk vindt.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Vind jij de sportschool leuk”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
12 / 15
Situatie: je vertelt wat Tom misschien morgen doet.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Misschien gaat hij morgen fietsen als het mooi weer is”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
13 / 15
Situatie: je maakt een plan voor morgen.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Morgen zal ik fietsen”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
14 / 15
Situatie: Maria wenst Tom iets aardigs toe.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “Veel plezier met sporten”?
Geef antwoord op de gestelde vraag in het Italiaans.
15 / 15
Situatie: je beschrijft het gevoel in de sauna.
Hoe zou je in het Italiaans zeggen: “De warmte voelt prettig op de huid”?
Globe-mascotte met een krant

Love For Languages Nieuwsbrief

Mis nooit meer een nieuw verhaal of blogbericht!

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en mis nooit meer de publicatie van een nieuw verhaal of blogbericht. Eén keer per maand sturen we je een nieuwsbrief vol taalleertips en een overzicht van alle verhalen en boekhoofdstukken die zijn gepubliceerd.

Bekijk eerdere nieuwsbrieven